Better Care Network Nederland: Samenwerkende grootmoeders uit Oeganda project van de maand
21-07-2010
Het Tusaboola project in Oeganda, een samenwerking van WorldGranny en haar lokale partner PEFO, is door het Better Care Network Nederland uitgeroepen tot praktijkvoorbeeld van de maand!
PRAKTIJKVOORBEELD VAN DE MAAND
Oeganda: Samenwerkende grootmoeders
In Oeganda wonen veel weeskinderen bij hun grootouders. Door armoede en ouderdom zijn zij echter vaak nauwelijks in staat om goed voor hun kleinkinderen te zorgen. In het zuiden van Oeganda krijgen zo'n 200 grootmoeders hulp van het Phoebe Education Fund for AIDS Orphans (PEFO), een Afrikaanse hulporganisatie. Ze leren om gezamenlijk een bedrijfje of handeltje op te zetten, waarmee ze geld kunnen verdienen en krijgen ook andere vormen van hulp. Het project blijkt van grote invloed op het zelfvertrouwen van de ouderen, die veel meer voor zichzelf en hun kleinkinderen durven opkomen. Het project wordt gesteund door de Nederlandse Stichting WorldGranny.
Aidswezen
De afgelopen twintig jaar heeft de ziekte Aids in Oeganda heel veel slachtoffers gemaakt. Naar schatting 2 miljoen kinderen verloren een of beide ouders. Een op de vier huishoudens heeft de zorg voor een weeskind. Uit een recent onderzoek onder 400 grootouders in Zuid-West Oeganda, uitgevoerd door het Phoebe Education Fund for AIDS orphans (PEFO), bleek dat grootouders gemiddeld voor 4 tot 5 weeskinderen zorgen. Het huis-aan-huis-onderzoek werd gedaan om een beeld te krijgen van de situatie van grootmoeders en kleinkinderen.
Schooluitval
In 22% van de grootoudergezinnen bleken kleinkinderen van school te zijn gegaan, als gevolg van tienerzwangerschap of gebrek aan geld voor schoolgeld en schoolmateriaal. Hoewel grootouders een belangrijke rol spelen in het opvoeden van weeskinderen, zijn zij een vaak vergeten groep die weinig steun ontvangt van buitenaf. Het Phoebe Education Fund for AIDS orphans ondersteunt nu deze gezinnen door grootouders economisch sterker te maken en ze samen te brengen in groepen om hun zelfvertrouwen te vergroten.
Vrouwengroepen
In 2007 werd in de districten Jinja, Busia, Mukono en Bugiri een programma opgezet, waarbij grootmoeders werden aangespoord om zich te organiseren. Er werden groepen van grootmoeders gevormd, zogenaamde Tusoobola's, die wekelijks bijeenkomen om hun zorgen en problemen te delen. Ook krijgen de leden van de groep ondersteuning bij het opzetten van inkomensgenererende activiteiten en kleine leningen. In 2009 waren 6 groepen gevormd, met in totaal 200 grootmoeders. Het afgelopen jaar werden nog eens 10 ouderen opgenomen, dit waren grootmoeders die zelf HIV-geïnfecteerd waren.
Lening en training
Afhankelijk van hun fysieke kracht, krijgen de grootmoeders een of andere vorm van hulp bij het verwerven van inkomsten. Een deel van de ‘grannies' krijgt ondersteuning bij het grootbrengen en verkopen van varkens. Hierbij hoort bijvoorbeeld ook een training die door de ‘FarmSchool" van PEFO verzorgd wordt. Daarnaast verstrekt PEFO leningen om een handel op te zetten, bijvoorbeeld in brandhout, of het openen van een kleine winkel. Door andere instanties worden ouderen vaak op grond van hun leeftijd uitgesloten van deze mogelijkheden. De grootmoeders laten zien dat ze de leningen kunnen terugbetalen en dat ze genoeg verdienen om schoolgeld te betalen.
Praktische hulp
PEFO traint de ouderen uit de Tusoboola's ook in nieuwe landbouwtechnieken. Zo leren ouderen, die een slechte gezondheid hebben, gebruik te maken van de ‘rice-sack-garden'. Dat is een manier van groente verbouwen die niet afhankelijk is van het regenseizoen en weinig inspanning vergt. Hierdoor verbetert de voedselzekerheid in de huishoudens. Ouderen die zelfs daarvoor te zwak zijn, krijgen voedselhulp. Daarnaast krijgen ouderen medische check-ups waardoor ze langer gezond blijven. De grootmoeders kunnen ook rekenen op praktische hulp: hun huizen worden gerepareerd en het schoolgeld voor de kleinkinderen wordt voor hen betaald.
Zelfvertrouwen
In de praktijk blijkt het project van grote invloed op het zelfvertrouwen van de ouderen, die meer voor zichzelf en hun gezinnen durven opkomen. De Tusoboola's blijken ook te werken als een forum, dat de problemen en behoeften van grootouders onder de aandacht brengt van dorpsleiders en lokale autoriteiten. Tenslotte helpen de grootmoeders elkaar ook op andere manieren; zo dragen alle groepsleden bij aan de kosten van de begrafenis als een van hen overlijdt.
Kosten
De hulp is niet gestandaardiseerd, maar afgestemd op de individuele mogelijkheden van de grootmoeders, op wat ze wel en niet kunnen. Er wordt schoolgeld betaald voor ongeveer 200 kinderen (totaal € 5.644 per jaar, ca. € 28 per kind); voor microkrediet is € 2.500 per jaar beschikbaar. Dit is deel van een ‘revolving fund': ouderen krijgen een lening, die na terugbetaling aan een volgend huishouden wordt verstrekt. Niet alle groepsleden krijgen leningen, alleen diegenen die sterk genoeg zijn om een handel op te zetten en een training te volgen. Andere ouderen krijgen zaden of varkens. Voor de varkensfokkerij, zaden en trainingen is € 5.983 per jaar beschikbaar. Een nieuw huis kost bijna € 2600.
De organisatie
Phoebe Education Fund for AIDS Orphans (PEFO) is in 2003 opgericht door drie broers die zelf ook aidswees zijn. Het werk van PEFO is erop gericht het zelfvertrouwen en de zelfredzaamheid van weeskinderen en andere kwetsbare kinderen te versterken door sociaal-economische en psychosociale ondersteuning. Het grootmoederproject wordt vanuit Nederland gesteund door de Stichting WorldGranny.
Voor meer informatie over het project en de organisaties, zie: projectinformatie op de website en www.pefouganda.org